TT‑verslag 1978 (Els)

Met de trein van 19.28 uit Utrecht, zijn we - Peter, Marion en Els - naar Bilthoven vertrokken. Vlakbij het station in Bilthoven kwamen we Irene op de fiets tegen die ons even de weg wees.
Een prachtig vierkant clubhuis, waar Georgine, Jan en Evelien al op ons wachtten. De haard werd aangemaakt en allerlei lekkernijen uitgestald (cake van tante Georgine en tante Hermien en pie van mij). Oom Jan en tante Georgine kwamen met wijn, dia's en toebehoren, matrasjes en een paar bergschoenen om te lenen.

Albert en Jan Willem kwamen met de Renault van Albert. Het wachten was op George. We stortten ons eerst op de koffie en thee met cake en daarna op de dia's van het familiekamp van vier jaar terug en de herfsttocht van 1977. Toen kwam George, die onderweg een ongelukje had gehad.
Na de dia's hebben we de paklijsten doorgesproken onder het genot van wat verversingen en verfrissingen. Dit duurde van 21.30 - 12.30 uur! Het duurde voornamelijk zo lang omdat wij op zeer democratische familiewijze de financiën zo economisch mogelijk wilden regelen.

Het voorstel van de Ourthe-expeditie werd warm ontvangen. Een naam voor de expeditie was er niet, maar tussen neus en lippen hebben we het nog even over de SANSEVERIA-expeditie gehad. (Afgewezen vanwege onze speleologische perikelen.)

Tijdens het doornemen van de paklijst heeft oom Jan ons nog eens de waarde van "het stinken" uitgelegd. Reactie van de groep: "wij houden niet van dassen".
In verband met de bezorgdheid der ouders en het aanwezig zijn van vrouwen in de groep, verzamelen we 14 oktober vóór de bagagekluizen, om daar alle overtollige materialen achter te laten.

Om 1.00u zijn we naar bed gegaan. Wat heet "naar bed gegaan". Ik was in ieder geval bijna alles vergeten. Twee kleine incidenten die alleen in familiekring verteld kunnen worden omdat ze, gezien de verder scoutingrelaties, nogal gênant zijn. 1: Peter en George (in ondergoed, per vergissing buitengesloten) hebben Alberts auto even tegen het clubhuis gereden, zijn op het dak geklommen en hebben uit pure wraak door de schoorsteen naar beneden in het vuur staan plassen. 2: Toen Albert hun daarna open deed, is hij puur en alleen in z'n onderbroek zeker 10 min buiten gesloten geweest.
Al met al een dol weekend. 's morgens hebben we heerlijk gegeten. Tante Georgine had brood met worst en kaas meegegeven. Oom Jan was weer teruggekomen ons eventueel te wekken voordat de kabouters binnen zouden stormen. Omdat nog wat spullen bij oom Jan opgehaald moesten worden zijn we met z'n allen daar nog even thee gaan drinken.

Frappant detail: alle familieleden waren op de schoenen gekomen waarin ze dachten te gaan lopen...

Met Peter en Marion pak ik de bus van 9.08u zodat we om 9.30u op het station aanwezig zijn. 9.45u is iedereen aanwezig. 10.02u worden de uitgezwaaid door tante Dini die een paar briljante foto's maakt zonder dat er een rolletje in haar toestel zit.
De intercity naar Maastricht gaat door een dikke tunnel van mist. We vermaken ons daarom uitstekend in een tussenhokje met vier klapstoelen en een harmonicastuk. De blokfluiten worden uitgeprobeerd evenals de kazoo (in Maastricht al kapot) en de mondharmonica. Het lied van Joep wordt reeds voorzichtig uitgeprobeerd en ik brei een stukje aan mijn mouw. Ook wordt De Telegraaf stuk gelezen: "Koot is afgedroomd". Van Jan Willem krijgen we 100 BFR zakgeld.

En ontzettend vieze stinktrein brengt ons van Maastricht naar Luik. De mist trekt op en het wordt al mooier. Ook in Luik halen we precies de trein naar Hotton - Melreux. De reis verloopt voorspoedig maar de conducteuren willen alleen individueel kaartjes knippen. In de laatste trein nuttigen we onze derde broodmaaltijd. Dit moet de lunch maar geweest zijn.
Tot slot halen we ook de bus naar de grotten van Hotton op de geplande tijd. De grotten van 1000 en één nacht zijn ongeveer 1 km van l'arret d'autobus. We klimmen naar boven en smelten bijna! Het is 31° in de zon. Voor ongeveer ƒ 6,- per persoon kunnen we de grotten in. Daar kijken we goed rond en fluiten wat op de blokfluiten. Als goed familielid raapt George wat overgeschoten stalagmieten voor ons (ze zijn hol van binnen!). Misschien is de foto van ons op de stalactieten wel gelukt. Je mag ze eigenlijk niet aanraken.

We lopen weer naar de bus om verder te gaan, dit keer verder naar Macourt. Voor de bus vertrekt moeten we nog een half uurtje wachten. Op een veldje in de zon mijmeren we wat over onze grottenexpeditie en het fenomeen "jonge onderzoekers". Bij het opdiepen van snoepjes uit de zakken, blijkt hoeveel worsten George eigenlijk bij zich heeft. Minstens één voor ieder. Hij smijt ze in het rond terwijl de bus aankomt. Ook in de bus komen de worsten steeds tevoorschijn.

Na een korte bustocht komen we aan in Macourt, precies voor de camping. Op het grote centrale grasveld zetten we om 17.30u de tenten op. Tussen alle worsten kan George maar moeilijk zijn tent vinden. Albert, Marion en Els maken een massieve soep: drie pakjes, twee blikken kapucijners, uien, soepgroenten en balletjes. 18.30u (in het donker) eten we en drinken thee toe. Na nog eens napraten constateren we dat George waarschijnlijk acht worsten bij zich heeft. Oom Jan heeft er ook één (extra meegenomen zegt hij) en Albert blijkt dat ook te hebben gedaan. Worstelijk!

Een kleine wandeling, om de omgeving te verkennen, brengt ons eerst op privéterrein. Een privé brug over de Ourthe brengt ons langs de plaatselijke geitenvelden naar het kerkhof. Hier doen we aardig luguber. Evelien, Georgine en George zijn al naar bed gegaan. Peter neemt nog even een STORYvlaggetje van de overdaad af, als aandenken. Daarna gaan we weer terug naar het kampeerterrein. De frituur was open. Ze verkopen er Hollandse frites en aardappelkroketten. De man weet te vertellen dat er een nieuwe paus gekozen is: en Nederlander! Goedgelovig nemen wij zijn woorden met enige eerbied aan en vragen ons af wie dat nu wel zal zijn.
In den Staminee doen we nog een spelleke vogelpiek en drinken wat. Ook de flipperkast trekt onze aandacht. Vermits wij daarbij zaten èn ze leuke (meeneembare George?) bierglazen hebben, krijgen we verder geen andere drankjes, als niet eerst onze oude glazen weer ingeleverd zijn. Trappist is toch niet zo lekker.

Zondag met de nieuwe coupletten van 'Opa, ...'

Het slapen ging prima alleen zijn 's morgens de tenten wel erg nat. Omdat we wat moeten wachten tot de tenten een beetje drogen, gaat alles een beetje traag. Evelien doet wat acrobatiek met de Dassisters en uit de tent van George en Albert klinkt geronk (van boven en van onderen). Niemand durft de tent open te maken om ze te wekken, vanwege de geuren die bijna zichtbaar uit het tentdoek opstijgen. Terwijl we wachten op het drogen van de tenten, halen we uit de boomgaard wat appels en maken ons een stevige appelmoes als ontbijt. De zeeverkenners naast ons zijn vroeg opgestaan onder luid geketter van de leiding. We hebben alweer belangstelling van twee meisjes. Peter en oom Jan op de fluit en ik op de mondharmonica, geven hen een prachtig concert.

Het plan was om 9.30u te vertrekken, dat werd 10.30u en uiteindelijk gaan we om 11.15u weg. Meteen bij de bushalte de berg op. Na drie kwartier hijgend klimmen, komen we bij een uitzichtpunt bij en kapel. CHOCOLADE! We lopen langs een kluizenaar die daar een privéterrein heeft. Als het lopen vlakker wordt, wordt er zelfs wat gezongen. Het lied "Opa, d'r wordt gebeld...", word met een paar historische coupletten uitgebreid:

Opa, er wordt gebeld
Het is de huisbaas die vraagt om geld...

Opa pakt z'n proppenschieter
schiet hem voor z'n sodemieter

Opa pakt een (stalen buis) gasfornuis
slaat hem daarmee op z'n kruis

Opa pakt z'n hockeystick
slaat hem daarmee op z'n ...

Opa slaat een fles kapot
duwt de restjes door z'n strot

Opa pakt een groot stuk schroot
speelt me daar wat op zijn poot

Opa ontbloot z'n bovenarmen
grijpt 'm van achteren bij zijn darmen

Opa pakt een stukje zwavel
legt dat midden op zijn navel

Opa pakt z'n pijl en boog
schiet een pijltje door z'n oog

Opa pakt zo'n 100 watt
steekt de stekker in zijn gat

Opa pakt zijn AOW
geeft dat netjes met hem mee....

Om 13.00u lunchen met het, inmiddels wat ouder geworden, meegebrachte brood. Oom Jan zet z'n tent nog even te drogen. Wij zetten thee midden op de weg, tegenover een dik Belgisch paard met telescopische neigingen. Evelien legt dit omstandig vast op de gevoelige plaat. Oom Jan die dit weer wil vastleggen moet constateren dat z'n fototoestel kapot is.
Peter en George zetten ook nog even het schrikdraad aan, waarachter de tent te drogen is gezet. Marion die het niet echt gelooft en er even voorzichtig aan voelt, ontsnapt een bescheiden ooohhh!

Direct na het eten slaan we de verkeerde weg in. Al bramen etend komen we aan bij een benzinestation waar we even naar de wc kunnen. Oom Jan trakteert op ijs.
In de zeer korte tijd dat we hier waren hebben we alle voorzieningen gebruikt die men beschikbaar had: een voetbalspel, een jukebox, kauwgomautomaten en toiletten. Gelukkig weet men ook te vertellen dat er een pad dicht langs de Ourthe loopt en hoe we er vanaf hier kunnen komen.

Zowel Peter als Albert lopen in korte broek en lopen beiden een wespensteek op. Oom Jan vindt het pad maar niets. Wij wel, lekker avontuurlijk. Het is een prachtig pad langs het water.

Om 4.30u vinden we bij La Roche-en-Ardenne een gesloten camping en op het pad er voor een egel. De besluiten hem meteen Kareltje te noemen. Op de camping blijken, ondanks de geslotenheid, NTKCers te kamperen. Dus wij gaan er ook maar staan. Oom Jan geneert zich natuurlijk niet voor ons en onze liedjes!
We slepen wat roosters aan van verlaten caravans en bouwen ons, aan de rand van het terrein, wat zitplaatsen voor de maaltijd en misschien later op de avond wel een kampvuurtje. Voor oom Jan wordt zelfs een oude keukenstoel gevonden. De dames Das en Evelien maken boerenkool met drie van de worsten van George. Marion en ik gaan wassen. En zo als de man van de frituur al voorspelde: het wordt een beetje druilerig.

Na het eten (het regende inmiddels) drinken we met z'n tienen thee in de grote tent (4 pers.) en zingen enkele walgelijke liederen. Daarna gaan we La Roche in (dat achter de heuvel blijkt te liggen). Eerst kijken, dan een café in: flipperen, tennis spelen, . Tot slot nog een kampvuurtje en dan naar bed.

Oom Jan en Peter zijn brood gaan halen. Jan Willem stelt per persoon 10 BFR beschikbaar om te douchen; hij heeft er de munten speciaal voor gewisseld. Attent! Heerlijk schoon en de wasgelegenheid is prima.

Het is uitgesproken druilerig. Misschien komt het daardoor dat we zo uitgebreid ontbijten. We eten namelijk niet alleen p.p. twee van die heerlijke, door Marion gesneden broodjes, maar ook het brood dat voor de lunch was bedoeld. Na het ontbijt besluiten we via een democratische procedure één dag in La Roche te blijven staan. We zullen vandaag dus zonder zakken wandelen en kaarten versturen.

Een stukje met de bus zou ons een eind op weg geholpen hebben, ware het niet dat we vergeefs bij de halte hebben gewacht. Pas na geduldig nalezen van alle informatie, blijkt dat de nummers niet de busroutes aangeven, maar bestemd zijn voor alle opmerkingen die bij die lijndienst horen. We zijn dus maar van de geplande route afgestapt en naar de ruïne op weg gegaan. Op de gok, dus niet volgens een route op een kaart... geheel tegen de principes van oom Jan. Jammer genoeg kwamen we op de rots naast de ruïne uit. Wel bij een aardig kapelletje. Daar namen we "het pad" naar rechts, naar boven, naar een overdakt uitkijkpunt. Onder dit afdak hebben we de resterende twee stokbroden soldaat gemaakt (nadat oom Jan George nog even in z'n edele delen had geprikt toen hij hem ontwaarde in de top van het dak).

Na een regenbuitje lopen we verder, klimmen over een hek en belanden in het park. Af en toe giet het en bij al dat geplas is het lastig plassen. Uiteindelijk wandelen we van 12.30 - 16.30 uur. Bergop en bergaf, heel gezellig in een lange rij. En we zijn het voortdurend niet eens over de richting die we uit moeten. Gelukkig komen we tot slot toch weer in het dorp aan. Daar drinken we lekker thee in een patisserie, met een heerlijk stuk gebak. Op de terugweg slaan we nogmaals brood, wijn en beleg in.

Vlak voor het terrein (wat is de wereld klein) komen we weer bekenden tegen. Ditmaal Catoke en Jaap met de kinderen, in een camper. En jawel, er kunnen veel makke familieleden in een camper! We rijden het laatste stukje even mee, want ook zij zijn op weg naar de camping.

Thuisgekomen koken we het 's morgens door Peter, oom Jan en Jan Willem gehaalde voer: 1 kg gehakt en saus voor spaghetti. Marion en ik koken, enkelen wassen en Evelien en Georgine zijn in de weer met Kareltje (die lelijk onder de luizen blijkt te zitten).
Na het eten hebben we ook nu weer thee toe (na gepelde sinaasappels van Albert). George, oom Jan en Jan Willem krijgen het voor elkaar om daarna een heerlijk kampvuurtje te stoken. De Hellemannen uit de camper schuiven aan met klapstoelen en koek. Onder leiding van Albert brengen we een hele serie (beschaafde!) kinderliedjes ten gehore, speciaal voor de kinderHellemannetjes onder ons.

Naar bed: maar eerst douchen met de door JW zo genereus van ons eigen geld beschikbaar gestelde munt. 22.00 lig ik gezellig met Marion er alvast in. We zijn de eersten en klepperen wat af. Tot uit een naburige tent het verzoek komt of we wat stiller willen zijn: men moet 7.30 op. Het enige commentaar dat we kunnen bedenken is: "Wij ook."

Het is druilerig, maar het belooft een mooie dag te worden (inderdaad tot 14.00 uur prachtig weer).

Wat zij we vroeg op zeg! Dat moet ook wel, want we moeten de bus van 9.40 uur halen. Volgens de berekeningen van oom Jan moesten we 8.00 op; 9.00 oppakken en tussendoor eten. Al met al eten we nog meer dan gisteren. De tenten zijn nog een beetje nat, maar we pakken ze toch snel in. Akko en tante Catoke staan al klaar met koffie en nu zelfs met cake! Zo vertrekken we om 9.15 uur, weer uitgezwaaid door de familie en inmiddels vele bekenden.

We "dwarsen" het parkeerterrein en oom Jan leert ons - geïnspireerd door de omstandigheden - het volgende lied:

Zweet u ook?
Ik dacht dat ik wat rook.
Vertel me in vertrouwen
transpireert u ook?

En op uw hoofd?
En op ("tussen" volgens enkelen) uw benen?
En onder uw hoed?
En tussen uw tenen?...

Zweet u ook?.... enz.

We zij bijtijds bij l'arret d'autobus en waarachtig deze bus gaat! Een kleine tocht naar Maboge waar we het mooiste gedeelte langs de Ourthe zullen lopen. Bij Maboge houden we nog even een sanitaire stop voor de grote wandeling

Eerst maken we een kleine afdaling tot beneden bij de Ourthe. Daar was het vrij koud (de wind op het water was erg fris). Daarna lopen we van 10.00 - 13.00 uur vlak langs de Ourthe, met alle krommingen mee. We klimmen over stenen, glibberen op modderpaadjes, kruipen omhoog tussen dunne bomen door en dat alles met een uit balans brengende rugzak, strak om het lijf aangesnoerd. Een geweldige ervaring om zo met je hele hebben en houden door de bossen langs de rivier te crossen! Van puur genoegen zingen we en spelen we op de fluiten tot je er ziek van wordt.

Om 13.00 is het pad inmiddels zo steil geworden dat we op handen en voeten verder moeten. 200 m klauteren om op een prachtige klif uit te komen. Tijd voor de picknick! En een angstwekkend avontuur: hier, precies vanaf deze ijzelingwekkend hoge klif, laat Jan Willem zijn dierbare rode zakmes vallen. Eén appeltje maar... en in een onverwachte beweging ketst het mes naar beneden. Glurend over de rand kunnen we zien dat het blijft liggen op een smal randje, een aantal meters recht naar beneden vanaf het punt waar we zitten. Jan Willem beheerst maar net de opwelling om direct het mes na te springen, maar kent verder geen grenzen in zijn pogingen het alsnog op te halen (daarbij natuurlijk terzijde gestaan door onverschrokken doch overmoedige neven). De dames en oom Jan moeten alles uit de kast halen om aan dit roekeloze gesol met levens een einde te maken. Uiteindelijk gaan we verder met een innerlijk zeer verscheurde Jan Willem.

We klimmen verder, recht over de richel, naar boven, naar een uitzichttoren boven op de rots. En vanaf dat punt gaan we natuurlijk weer naar beneden, terug naar de Ourthe. We hadden al enige druilerigheid aan zien komen, maar nu overvalt een geweldige en lange regenbui ons. We klimmen weer een ontzettend steile klim (bijna recht omhoog!) door de glibberige blubber en komen plotseling uit bij een half open stal/hooiberg. Gelukkig kunnen we hier schuilen. We strijken neer boven op het hooi en wachten blokfluitend de gebeurtenissen af. Het is erg koud geworden en de wolken dalen zelfs tot beneden onze schuilplek! Om een uur of half vijf is het ergste leed geleden en kruipen we uit het hooi. We blijken in Nadrin, eigenlijk tegen Olomond aan beland te zijn. Te ver van Houffalize af om vandaag nog lopend te kunnen bereiken.

Een zak friet zou er nu wel ingegaan zijn! Helaas is de enige frietkraam in de buurt gesloten van 16.00 - 17.00 uur. We besluiten om in ieder geval vanavond te dineren met friet!
Na enig zoeken blijkt er om 17.45 uur een bus naar Houffalize te gaan. Die zullen we nemen. Nog steeds tamelijk doorweekt trekken we het er tegenover liggende café in. In de winkel ernaast kopen we weer brood en ditmaal ook wafels! In het café drogen we onze spullen op de haard, spelen met het voetbalspel en de jukebox, onderwijl genietend van een kopje warme chocola (met een stiekeme wafel). Ze hebben er bijna antieke ansichten, met zwart-wit voorstellingen van...: de rode-zakmes-klif"!

Voordat we de bus zouden pakken, zouden we een goede zak friet nemen... weet je nog?
Zo gezegd, zo gedaan. De frietboer zegt dat dat wel lukt voordat de bus vertrekt. Het vet is nog niet warm, maar dat gaat snel zegt-ie. In 5 minuten is het "heet" en na nog eens twee minuten staan wij met een grote kleffe tuut zachte patatten (waren het maar gebakken peren). Het vet dat onder uit het gaatje druipt, maakt grote dikke witte spatten op mijn schoenen. En zo schuiven we toch tamelijk ontdaan en uit onze zo broodnodige concentratie de bus in... op naar het volgende avontuur:

Tijdens die consternatie over de frites komt de bus er aan en wij stappen in. Achter aan Jan Willem die zal betalen. Hij overhandigt het gevraagde bedrag en krijgt de kaartjes. Tot zover niets aan de hand denkt u? Wacht maar: het blijken 18 kaartjes te zijn in plaats van 10. Wat Jan Willem ook zegt, roept en probeert, de halsstarrige buschauffeur weigert er 8 terug te nemen en het geld terug te geven. Hij kan het niet, wil het niet en ondertussen leidt hij de boel af door knalhard door te rijden. Na een half uur bussen bereiken we de laatste halte... maar wij gaan er niet uit!!! Nee, zeker niet. We blijven zitten tot bij de remise en bezetten de bus drie kwartier. Helaas zonder resultaat. Geen chef is bereid op te komen dagen, iedereen houdt zich afzijdig en de valse chauffeur is inmiddels met de poet verdwenen. Wat een kater!

Omdat het donker aan het worden is besluiten we de bezetting op te geven en een plekje op de camping in te nemen, voordat je helemaal niet meer kan zien waar je kan staan. Midden tussen de caravans leek niet zo leuk, dus nemen we in de schemering een ander veldje in. Oom Jan heeft inmiddels soep gemaakt en boterhammen. Dat was wel even nodig.
Ik had het van alle ontberingen zo koud gekregen dat ik maar vast in de slaapzak ben gaan zitten. Na thee, soep en brood werd het wat warmer. De anderen gingen het dorp nog in (om de buschauffeur eens even op te zoeken geloof ik), maar Marion en ik zijn vast gaan slapen.
De volgende dag horen/zien we dat de rest weer heeft geflipperd en ze hebben een "affiche" gemaakt op een muur, met al hun namen (o.a. Jan Hadidas) om toch wat van het ongenoegen te kunnen achterlaten.

Al vroeg in de morgen blijkt dat we toch gisteren iets te laat onze tenten hebben opgeslagen. We blijken niet op de camping, maar in het plaatselijke parkje te staan. Naast de speeltuin, bijna in een zandbak en recht tegenover het voetbalveld. Oom Jan heeft twee parkbanken en een stoel aangesleept en keurig tussen de tenten gezet, opdat we een aangenaam ontbijtje kunnen nuttigen. De bus gaat pas om 13.28 uur dus we hebben ruim de tijd om de tenten te laten drogen en eens lekker uit te slapen. Het wordt eerst een ontbijt op bed en pas daarna een op de parkbanken. We eten in bed het brood dat we nog hadden. Daarna gaan Marion en ik weer brood halen en ontbijten we weer, ditmaal gekleed en gezellig met z'n allen op de banken.

We eten wat af! We hebben niet veel brood meer over en op voorstel van oom Jan zetten we nogmaals een pan thee (vooral om de laatste gasjes en petroleum op te maken) en nuttigen ons derde ontbijt. De gisteren gekocht wafels moeten we zeker niet pletten om ze in de rugzakken erbij te proppen, dus die eten we ook maar op. Om 11.00 amuseren we ons in de speeltuin, terwijl de tenten drogen.

Al met al moeten we toch nog snel naar het busstation lopen. Oom Jan was even kwijt, maar die bleek een kaart te kopen. Het kostte even moeite, maar dan schuiven we toch in de juiste bus en werpen een laatste blik op eigenlijk de "leukste" camping.

We hebben een D-trein van Melreux naar Maastricht. Prachtig! In de trein tellen we het geld en kijken voor hoeveel we nog kunnen gaan chinezen. Vanwege het tijdstip, zijn we van plan dat in Maastricht te doen. Oom Jan is daar welbekend, dus dat moet goed gaan. Op het station presteren we het om met z'n zevenen in een fotoshot te zitten (buiten het zicht van oom Jan natuurlijk).

We eten bij een chinees dicht bij het station, aan het spoor. We eten heerlijk en ondertussen worden er nog steeds schoenen op de verwarming gedroogd.

Om 18.30 stappen we weer in de trein naar Utrecht. In de privécoupé zingen we alle walgelijke liederen die oom Jan ons leerde. Op het station van Utrecht staan pa en ma ons op te wachten met hun gasten uit Australië.
Op het rodezakmesincident en het busincident na, hebben we mateloos genoten!